Scheikunde VWO 4 & VWO 5 - Mindmap

Scheikunde VWO 4 & VWO 5

H14 Chemie van het leven

H14.2 Koolhydraten

Koolhydraten

sachariden

suikers

Monosachariden en hun structuur

glucose C6H12O6

druivensuiker

Binas tabel 67F1

Monosachariden en reacties

aldose

ketose

Disachariden

hydrolyse

Binas tabel 67F2

2 C6H12O6 -> C12H22O11 + H2O

Polysachariden

cellulose

zetmeel

glycogeen

Binas tabel 67F3

celwanden

SE Bouw van de bekendste polysachariden

cellulose

zetmeel

amylose

amylopectine

glycogeen

Vertering van zetmeel

glucose

fructose

H14.3 Vetten

Oliën en vetten

oliën

vetten

glycerol (propaan-1,2,3-triol)

vetzuren (carbonzuren met een lange koolstofketen)

triglyceriden

vetzuren bestaan uit lange onvertakte ketens met een even aantal C-atomen: 12-, 14-, 16-, en 18-C-atomen komen het meest voor

Bij sommige vetzuren komen één of meer dubbele bindingen voor, de ruimtelijke oriëntatie van de groepen rond de dubbele bindingen is altijd cis-vorm

lipiden

Binas tabel 67G2

onverzadigde vetzuren

Vertering van oliën en vetten

worden door hydrolyse omgezet in glycerol en vrije vetzuren

Functie en toepassingen van oliën en vetten

vormen reservebrandstoffen

zijn nodig voor de vorming van membranen

Omegavetzuren

essentiële vetzuren

omega 3-vetzuren

omega 6-vetzuren

H14.4 Eiwitten

Eiwitten

α-C-atoom

α-aminozuren

Binas tabel 67H1

peptidebinding

dipeptide

eiwitten

proteïnen

De molecuulstructuur van een eiwit

primaire structuur

secundaire structuur

α-helix

β-sheet

H-bruggen

tertiaire structuur

zwavelbruggen

Reacties van eiwitten

hydrolyse

denatureren

enzymen

Functies van eiwitten

biokatalysatoren

essentiële aminozuren

H14.5 DNA en RNA

De celkern

DNA

chromosomen

De molecuulstructuur van DNA

Deoxyribo Nucleic Acid

nucleotidenketens

dubbele helix van DNA

nucleotide

H-bruggen (Binas tabel 71C)

Replicatie

replicatie

RNA

RNA (Ribo Nucleic Acid)

In RNA komt ipv de base thymine (T), de base uracil (U) voor

RNA is een polymeer met een enkele keten, het vormt dus geen dubbele helix

transcriptie

Binas tabel 71E en F

Eiwitsynthese

aminozuurvolgorde

genetische code (tripletcode)

anticodon

translatie

Het menselijk genoom

gen

genoom

Verschillende soorten eiwitten

nonsense-DNA

junk-DNA

Mutaties

redenen voor fouten

- veel fouten worden direct hersteld door speciale enzymen;

- fouten treden op in het junk-DNA. Je merkt niets van deze veranderingen;

- veel fouten treden op in genen die niet geactiveerd zijn (uitstaan);

- als er een fout in een geactiveerd gen optreedt die niet wordt hersteld, blijft de schade vaak tot die ene cel beperkt en blijven gevolgen gering

verschillende soorten mutaties

1. een puntmutatie: er wordt één verkeerde base in het DNA ingebouwd, de complementaire streng verandert mee

2. een deletie: door mutaties kan het ook zijn dat een (groot) deel van het DNA verdwijnt. Meestal is dit het gevolg van een breuk in het DNA. In het DNA kunnen deleties voorkomen, van enkele tot duizenden basenparen. Daardoor kan de totale lengte van het DNA tussen individuen verschillen

3. een duplicatie: hierbij wordt een stukje DNA toegevoegd. Meestal gebeurt dit doordat bij de replicatie van het DNA een stukje 2 keer wordt overgeschreven ipv 1 keer. Er kan een duplicatie plaatsvinden van enkele basenparen, maar ook van duizend of meer basenparen

H14.6 Voeding, stofwisseling en gezondheid

Voedingsstoffen

sporenelementen

vitaminen

Binas tabel 82A

Voorbewerkt voedsel

voedingsmiddelenindustrie -> meer gebruiksgemak, maar vaak niet betere kwaliteit

Functional foods

voedingsmiddelen waaraan stoffen zijn toegevoegd die onze gezondheid zouden moeten bevorderen

H13 Kunststoffen

H13.2 Additiepolymerisatie

Polymeren en monomeren

polymeren

monomeren

additiepolymerisatie

condensatiepolymerisatie

Additiepolymerisatie

stap 1: initiatie

stap 2: propagatie

monomeereenheid

stap 3: terminatie

additiepolymeer

H13.3 Condensatiepolymerisatie

Condensatiereacties

condensatiepolymerisatie

condensatiereactie

hydrolysereacties

Polyester

condensatiepolymeren

polyester

copolymeer

Polyamide

polyamide

amide

amidebinding

H13.4 Eigenschappen van kunststoffen

Thermoplast en thermoharder

thermoplasten

thermoharders

crosslinks

netwerkpolymeer

De flexibiliteit van een kunststof

zijketens

polymerisatiegraad

gemiddelde ketenlengte

gemiddelde molecuulmassa

weekmakers

H12 Molecuulbouw en stofeigenschappen

H12.2 Lewisstructuren

Lewisstructuren

valentie-elektronen

lewisstructuur

octetregel

edelgasconfiguratie

bindend elektronenpaar

niet-bindende of vrije elektronenparen

uitgebreid octet

Lewisstructuur opstellen

Stap 1: Bepaal het aantal valentie-elektronen met behulp van Binas tabel 99

Stap 2: berekenen hoeveel elektronen nodig zijn om alle atomen te laten voldoen aan de octetregel

Stap 3: berekenen hoeveel elektronen je tekortkomt

Stap 4: de elektronen die je tekortkomt om te voldoen aan de octetregel krijgen de atomen door elektronen te delen, die elektronen vormen de bindende elektronenparen

Stap 5: berekenen hoeveel niet-bindende elektronenparen overblijven

Stap 6: Teken de lewisstructuur zodanig dat alle atomen voldoen aan de octetregel

Lewisstructuur opstellen van een ion

rekening houden met lading vh ion

lading vh ion wordt opgeteld bij het aantal valentie-elektronen of ervan afgetrokken

Formele lading

Stap 1: Bepaal het aantal elektronen bij elk atoom van het samengestelde ion, dat is het aantal elektronen in de niet-bindende elektronenparen van dat atoom plus een elektron voor elk bindend elektronen paar rond dat atoom

Stap 2: bepaal het aantal valentie-elektronen van elk atoom

Stap 3: het aantal valentie-elektronen van een atoom min het aantal elektronen bij dat atoom is de formele lading

Stap 4: je zet de formele lading bij elk van de atomen, bij een lading van 1+ of 1- laat je het cijfer weg, omcirkel de formele lading, om verwarring met elektronenparen te voorkomen

VSEPR

omringingsgetal

ruimtelijke bouw van moleculen voorspellen

Dipolen

dipool-dipoolbinding

lineair

180°

2-omringing

gelijkzijdige driehoek (vlak)

120°

3-omringing

tetraëder

109,5°

4-omringing

partiële lading

dipolen

H12.3 Mesomerie

Benzeen en fenol

mesomerie

mesomere grensstructuren

Het opstellen van mesomere grensstructuren

formele lading aangeven in de lewisstructuur en van uit daar elektronenparen te verplaatsen

H12.4 Substitutie- en additiereacties

Substitutiereacties

substitutiereacties

reactiemechanisme

radicaalmechanisme

radicaal

initiatie

propagatie

terminatie

ionair mechanisme

nucleofiel

elektrofiel

Additiereacties

additiereactie

radicaalmechanisme

Stap 1: initiatie

Stap 2: propagatie

Stap 3 terminatie

ionair mechanisme

1,2- en 1,4-additie

1,2-additie

1.4-additie

H12.5 Cis-trans-isomerie

Vrije draaibaarheid

isomeren

structuurisomeren

stereo-isomeren

Cis-trans-isomerie

cis

trans

H12.6 Spiegelbeeldisomerie

Spiegelbeeldisomerie

spiegelbeeldisomeren

Asymmetrisch koolstofatoom

asymmetrisch C-atoom

SE Stereo-isomeren met meer dan één asymmetrisch C-atoom

maximale aantal stereo-isomeren bij n asymmetrische C-atomen is 2^n

H11 Redoxreacties

H11.2 Reacties met elektronenoverdracht

Reacties van zure oplossingen met metalen

redoxreactie

Redoxreacties

halfvergelijking of hafreactie

oxidator

reductor

totaalreactie

Herkennen van redoxreacties

kijken naar deeltjes voor en na de reactie, sprake van elektronenoverdracht -> redoxreactie

H11.3 Redoxkoppels

De edelheid van metalen

geconjugeerde reductor

geconjugeerde oxidator

redoxkoppel

Binas tabel 48

Standaardelektrodepotentiaal

- aflopend als ΔV0 ≥ 0,3 V

- evenwicht als -0,3 V < ΔV0 < 0,3 V

- verloopt niet als ΔV0 ≤ -0,3 V

Oxidator of reductor

oxidator en reductor -> hangt af van de andere deeltjes in het reactiemengsel

Stappenplan

H11.4 Redoxreacties in oplossing

Zuur, basisch of neutraal milieu

Binas tabel 48

HSO4^- en SO4^2- zijn alleen oxidator en geconcentreerd zwavelzuur, bij verdund salpeterzuur ontstaat er NO(g), bij geconcentreerd salpeterzuur ontstaat er NO2(g)

Zelf halfreacties opstellen

1. Noteer de gegeven deeltjes

2. Stel de halfreactie van de deeltjes op.

Zuur milieu: voor de pijl H^+ en eventueel H2O als hulpdeeltjes, na de pijl mag geen OH^- ontstaan

Basisch milieu: voor de pijl OH^- en eventueel H2O als hulpdeeltje, na de pijl mag geen H^+ ontstaan

Neutraal milieu: voor de pijl H2O als hulpdeeltje, na de pijl mag H^+ of OH^- ontstaan

3. Maak de deeltjes in de halfreactie kloppend

4. Maak de lading in de halfreactie kloppend door het juiste aantal elektronen (e^-) toe te voegen

H11.5 Alcoholen als reductor

Alcoholen

3 groepen alcoholen

primaire

secundaire

tertiaire

Alcoholen en reductor

primaire en secundaire alcoholen en aldehyde zijn reductoren

primaire alcohol reageert met oxidator -> aldehyde

secundaire alcohol reageert met oxidator -> keton

aldehyde reageert met oxidator -> carbonzuur

H10 Analysetechnieken en onderzoek

H10.2 Spectroscopie SE

Elektromagnetische straling

elektromagnetische straling

golflengte

fotonen

Spectra

spectrum

spectroscopie

absorberen van elektromagnetische straling

uitzenden van elektromagnetische straling

absorptiespectrum

emissiespectrum

Energieniveaus

grondtoestand

aangeslagen toestand

Fotochemie

fotochemische reacties

H10.3 Spectrofotometrie SE

Infrarood spectrofotometrie

sterkvibratie

buigvibratie

ir-spectrofotometrie

Analyse van een ir-spectrum

Binas tabel 39C1 en C2

golflengte

Colorimetrie

colorimetrie

H10.4 Kwantitatieve analyse met spectrofotometrie SE

De spectrofotometer

spectrofotometer

Kwanititatieve analyse met colorimetrie

kwalitatieve analyse

kwantitatieve analyse

monster

blanco

transmissie T

T = I / I0

extinctie

IJklijn

ijklijn

standaardoplossingen

ijkreeks

H10.5 Chromatografie

Papierchromatografie

papierchromatografie

mobiele fase

stationaire fase

chromatogram

Rf-waarde

Rf = afstand van startlijn tot middelpunt van een vlek / afstand van startlijn tot vloeistoffront

Principe van de scheiding

verdelingsevenwicht

Kolomchromatografie

vloeistofchromatografie

gaschromatografie

retentietijd

tR

vloeistofchromatografie

gaschromatografie

Analyse van het chromatogram

kwalitatieve analyse

kwantitatieve analyse

H10.6 Massaspectrometrie

Meten met massaspectrometrie

massaspectrometrie

massaspectrometer

massaspectrum

De massaspectrometer

m/z

Radicalen

radicaal

ongepaard elektron

Massaspectrum

massaspectrum

Kwalitatieve analyse

structuur van moleculen is af te leiden uit een massaspectrum

Kwantitatieve analyse

Uit de piekhoogtes in een massaspectrum kun je de verhoudingen tussen de hoeveelheden van de verschillende deeltjes bepalen

H9 Basen

H9.2 Basen in water

Basen

basische oplossing

pH groter dan 7

Sterke en zwakke basen

zwakke base

geconjugeerd zuur-basepaar

sterke base

H9.3 Formules en namen van basen

Ionen als basen

Binas tabel 49

Binas tabel 45A

een goed oplosbaar zout met een sterk basisch ion

zout reageert direct aflopend met water

1 reactievergelijking

een slecht oplosbaar zout met een sterk basisch ion

geen reactie met water

een goed oplosbaar zout met een zwak basisch ion

2 reactievergelijkingen

1 van de oplossing van het zout

1 van de reactie van de base met water

een slecht oplosbaar zout met een zwak basisch ion

geen reactie met water

meer waardige basen

meer waardige zwakke base

Moleculaire stoffen als base

aminen

zwakke organische basen

ammoniak

zwakke base

eenwaardige base

1 H+-ion opnemen

meerwaardige base

meerdere H+-ionen opnemen

Notaties van basische oplossingen

H9.4 pH-berekeningen aan basische oplossingen

De pOH

pH = -log[H3O+]

pOH = -log[OH-]

[OH-] = 10^-pOH

pH + pOH = 14

Het waterevenwicht

waterconstante

Kw

1,0 x 10^-14 bij 298K

Binas tabel 50

De pH van een oplossing van een sterke base

pOH meteen berekenen uit de molariteit van de oplossing, dan pH berekenen

De pH van een oplossing van een zwakke base

baseconstante

Kb

Binas tabel 49

H9.5 Reacties tussen zuren en basen

Zuur-basereacties

zuur-basereacties

opstellen van een reactievergelijking van een zuur-basereactie

Stap 1: Noteer de formule van alle deeltjes die aanwezig zijn

Stap 2: Bepaal welk deeltje het zuur is en welk deeltje de base

Stap 3: Stel de reactievergelijking van de reageerende deeltjes op

H9.6 Kwantitatieve analyse

Een zuur-basetitratie

equivalentiepunt

eindpunt van de titratie

Titratie van een zwak zuur of base

zwak zuur met sterke base

pH boven de 7 bij het equivalentiepunt

sterk zuur met zwakke base

pH onder de 7 bij het equivalentiepunt

sterk zuur met sterk zuur

pH rond de 7 bij het equivalentiepunt

Nauwkeurigheid van het glaswerk

volpipet

buret

maatkolf

H8 Zuren

H8.2 De pH van een oplossing

Zuur, basisch of neutraal

indicatoren

zuur

basisch

neutraal

zuurgraad

Indicatoren

lakmoes

universeel indicatorpapier

oplossingen

H8.3 Zuren in water

Stroomgeleiding zure oplossing

oxoniumion

Verschil in stroomgeleiding van zure oplossingen

sterk zuur

zwak zuur

Notaties van zure oplossingen

H8.4 Formules en namen van zuren

Organische zuren

organische zuren

zuurrestion

meerwaardige zuren

Anorganische zuren

anorganische zuren

instabiele zuren

Ionen als zuren

Binas tabel 49

H8.5 pH-berekeningen aan zure oplossingen

De pH

pH = -log[H3O+]

[H3O+] = 10^-pH

significante cijfers

De pH van een oplossing van een sterk zuur

pH meteen berekenen uit de molariteit van de oplossing

De pH van een oplossing van een zwak zuur

zuurconstante

Kz

Rekenen aan zwakke zuren

molariteit van het zuur berekenen als pH en Kz gegeven zijn, Kz kan je berekenen als de pH en de molariteit gegeven zijn

H1 Scheiden en reageren

H1.2 Zuivere stoffen en mengsels

Zuivere stoffen

moleculen

element

verbinding

Mengsels

smeltpunt

kookpunt

smelttraject

kooktraject

Verschillende soorten mengsels

oplossing

suspensie

emulsie

tweelagensysteem

hydrofiel

hydrofoob

Emulgator

emulgator

staart

kop

H1.3 Scheidingsmethoden

Scheiden van een mengsel

scheiden

sorteren

stofeigenschappen

verschil in deeltjesgrootte

filtreren

filtraat

residu

verschil in dichtheid

bezinken

verschil in kookpunt

kookpunt

indampen

destillatie

residu

destillaat

destillatieopstelling

verschil in oplosbaarheid

extraheren

extractiemiddel

verschil in adsorptievermogen

adsorptie

adsorptiemiddel

Verschil in adsorptievermogen en oplosbaarheid

papierchromatografie

adsorberen

Rf-waarde

destillatieopstelling

H1.4 Chemische reacties

Kenmerken van een chemische reactie

Beginstoffen worden reactieproducten

Wet van massabehoud

Stoffen reageren en ontstaan in een vaste massaverhouding

Reactietemperatuur

Energie-effect

Het energie-effect van een reactie

chemische energie

Exotherm, energie afstaan aan de omgeving

Endotherm, energie opnemen van de omgeving

faseveranderingen

oplossen

Activeringsenergie

activeringsenergie

Energiediagram

geactiveerde toestand

aflezen van activeringsenergie en reactie-energie

H1.5 De snelheid van een reactie

Reactietijd en reactiesnelheid

Reactietijd

Reactiesnelheid

Welke factoren bepalen de snelheid van een reactie?

1. de soort stof

2. temperatuur

3. de concentratie(s) van de reagerende stof(fen)

4. de verdelingsgraad van een stof

5. de katalysator

enzym

H1.6 Botsende-deeltjesmodel

Effectieve botsingen

effectieve botsing

botsende deeltjesmodel

Modelvoorstelling van een reactie

invloed van de concentratie

Als de concentratie van de beginstoffen kleiner wordt, dan neemt het aantal effectieve botsingen af en dus ook de reactiesnelheid

homogene mengsels

invloed van de temperatuur

Als de temperatuur van de beginstoffen hoger wordt, neemt het aantal effectieve botsingen toe en dus ook de reactiesnelheid

aantal botsingen

heftiger

invloed van de verdelingsgraad

Als de verdelingsgraad van de beginstoffen groter wordt, neemt het aantal effectieve botsingen toe en dus ook de reactiesnelheid

heterogene mengsels

Activeringsenergie en reactiesnelheid

invloed van de soort stof

geactiveerde toestand

aard van de beginstoffen

invloed van een katalysator

katalysator

reactie-energie

H2 Bouwstenen van stoffen

H2.2 De bouw van een atoom

Atoommodellen

Atoommodel Dalton: atoom is massief bolletje. Elke atoomsoort heeft zijn eigen afmetingen.

Atoommodel van Rutherford

Het atoommodel volgens Rutherford: • Een atoom bestaat uit een positief geladen kern en een negatief geladen elektronenwolk. • De atoomkern bestaat uit positief geladen protonen en ongeladen neutronen. • De elektronenwolk bestaat uit negatief geladen elektronen. • Het aantal protonen in een atoom is gelijk aan het aantal elektronen. • Elk atoom heeft een atoomnummer. Alle atomen van dezelfde soort hebben hetzelfde atoomnummer. Het atoomnummer is gelijk aan het aantal protonen. • Elk atoom heeft een massagetal. Atomen van dezelfde soort kunnen verschillende massagetallen hebben. Het massagetal is gelijk aan het aantal protonen + het aantal neutronen

Atoommodel van Bohr

elektronenschillen

elektronenconfiguratie

Isotopen

atomen met zelfde aantal protonen maar verschillende neurtronen

H2.3 Het periodiek systeem

Rangschikking van atoomsoorten in een periodiek systeem

elementen

periodiek systeem

Huidig periodiek systeem

periode

groep

groep 1: alkalimetalen

groep 2: aardalkalimetalen

groep 17: halogenen

groep 18: edelgassen

Atoommodel van Bohr en periodiek systeem

elektronenconfiguratie

H2.4 Ionen, deeltjes met lading

Ionen

positieve ionen

negatieve ionen

Elektrovalentie

positieve elektrovalentie

negatieve elektrovalentie

Elektrovalentie en periodiek systeem

valentie-elektronen

Octetregel

edelgasconfiguratie

octetregel

H2.5 Massa van atomen, moleculen en ionen

Atoommassa

atomaire massa-eenheden

u

atoommassa

massagetal

Gemiddelde atoommassa

1. de massa's van de afzonderlijke magnesium-isotopen;

2. de percentages waarin de verschillende isotopen in het isotopenmengsel voorkomen

Ionmassa en molecuulmassa

ionmassa

molecuulmassa

Rekenen in de scheikunde

meetwaarde

telwaarde

H2.6 Een nieuwe eenheid: de mol

Grootheden en eenheden

grootheid

eenheid

internationaal stelsel van eenheden

SI

afgeleide eenheden

De mol

hoeveelheid stof

n

mol

getal van Avogadro

N^A

H3 Moleculaire stoffen

H3.2 De Bouw van stoffen

Stroomgeleiding

3 groepen

1. Stoffen zowel in de vaste als in de vloeibare fase stroom geleiden (formules met alleen metaalatomen, metalen)

2. Stoffen die alleen in de vloeibare fase elektrische stroom geleiden (formules met combinaties van een metaalatoom met een atoom van een of meer niet-metalen voorkomen, zouten)

3. Stoffen die niet in de vaste en ook niet in de vloeibare fase elektrische stroom geleiden (formules met alleen niet-metalen, moleculaire stoffen)

De bouw van vaste stoffen

kristalrooster

Metalen

metalen

metaalrooster

metaalbinding

Zouten

zout

ionbinding

ionrooster

Moleculaire stoffen

moleculaire stof

vanderwaalsbinding

molecuulrooster

H3.3 Binding in moleculen

Naamgeving van moleculaire stoffen

Binas tabel 66C

1. voorvoegsel voor index

2. naam van de atoomsoort

3. eindigt op -ide

Atoombindingen

atoombinding

covalente binding

covalentie

Lewisstructuren en structuurformules

Lewisstructuur

structuurformule

Polaire en apolaire atoombindingen

apolair

polair

elektronegativiteit

H3.4 Vanderwaalsbinding

Faseovergangen en verderwaalsbinding

1. De aantrekkingskracht tussen de moleculen zorgt voor de vanderwaalsbinding

2. Een hogere temperatuur houdt in dat moleculen heftiger bewegen, temperatuurbeweging

H3.5 Waterstofbruggen

Kookpunten en molecuulbouw

O-H- of N-H bindingen hebben een hogere kookpunt dan je zou verwachten op grond van molecuulmasssa

Water als polair molecuul

polair

dipoolmoleculen

dipool-dipoolbinding

Waterstofbruggen

waterstofbrug

Apolaire moleculen

apolair

H3.6 Mengsels van moleculaire stoffen

Oplossen

hydrofiele stoffen

hydrofobe stoffen

Dynamisch evenwicht

evenwicht

dynamisch evenwicht

verdelingsevenwicht

H3.7 Volume van een mol gas

Volume van een mol gas

wet van Avogadro

Significante cijfers

Significante cijfers

meetwaarde

Rekenen aan het volume van een mol gas

molaire volume (Vm)

H3.8 Percentage, promillage en ppm

Gehalte weergeven

volumepercentage

percentage

promillage

parts per million

H4 Zouten en zoutoplossingen

H4.2 Zouten

Vorming van een zout

reactie niet metaal + metaal --> zout

metaalatomen staan 1 of meer elektronen af aan de niet-metaalatomen

gerangschikt in een ionrooster

De Ionbinding

komt voor in ionrooster als gevolg van elektrostatische krachten tussen de geladen ionen, ionbinding sterker dan waterstofbrug, daarom hoog smeltpunt en kookpunt

H4.3 Namen en formules van zouten

De ionen

enkelvoudige ionen

samengesteld ion

Namen en formules van zouten

systematische naam

triviale namen

triviale naam

Zoutformules

verhoudingsformule

H4.4 Zouten in water

Water als oplosmiddel voor zouten

hydratatie

(aq)

Oplossen en indampen

Oplossen van zouten

oplosvergelijking

Indampen van zoutoplossingen

indampvergelijkingen

Oplosbaarheid

geleidingsvermogen

oplosbaarheid

verzadigd

onverzadigd

Metaaloxiden en water

Binas tabel 45A

'r'

H4.5 Zouthydraten

Kristalwater

kristalwater

zouthydraten

exotherm

endotherm

Toepassingen van zouthydraten

Botbreuken

Droogmiddel

Bouwmaterialen

H4.6 Glaswerk en nauwkeurigheid

SE Glaswerk

volumetrisch glaswerk

Toevallige en systematische fouten

1. toevallige fout

2. systematische fout

Samenvatting significante cijfers

1. Telwaarde hebben geen invloed op de nauwkeurigheid van het antwoord

2. Bij optellen en aftrekken is het aantal cijfers achter de komma van een uitkomst gelijk aan het kleinste aantal cijfers achter de komma waarmee de berekening is uitgevoerd

3. Bij vermenigvuldigen en delen heeft de uitkomst van de berekening evenveel significante cijfers als de gemeten waarde met het kleinste aantal significante cijfer

4. Nullen waarmee een getal begint zij nooit significant

H4.7 Molariteit

Molariteit

aantal mol opgeloste stof / aantal liter oplossing

H5 Reacties van zouten

5.2 Neerslagreacties

SE Het gebruikt van de oplosbaarheidstabel

Binas tabel 45A

SE Neerslagreacties

neerslagreactie

neerslagvergelijking

Dynamisch evenwicht

dynamisch evenwicht

chemisch evenwicht

heterogeen evenwicht

homogeen evenwicht

5.3 Rekenen aan reacties

Rekenen aan reacties

stoichiometrische verhouding

overmaat

SE 5.4 Toepassingen van neerslagreacties

1. een ionsoort verwijderen uit een oplossing; 2. een zout maken; 3. een ionsoort aantonen in een oplossing

Het verwijderen van ionen uit een oplossing

neerslagreactie gebruiken om ongewenste ionen uit een oplossing te verwijderen, neerslag filtreert af, filtraat kan geloosd worden

Het maken van zouten

Slecht oplosbaar zout --> samenvoegen 2 oplossingen die ionsoorten bevatten van een zout dat je wil maken en 2 andere ionsoortenn, die geen neerslag geven, gevormde neerslag --> zout

goed oplosbaar zout --> dezelfde manier, maar ionsoorten reageren niet, na filtreren damp je het filtraat in

Het aantonen van ionen in een oplossing

oplossing toevoegen met ion dat reageert met de aan te tonen ionsoort

Ontstaan van hard water

Veel Ca2+ (aq) en/of Mg2+-ionen (aq), hoe hoger de concentraties van deze ionen des te harder het water

Ontharden van hard water

Hard water geeft problemen als het wordt verwarmd, om hard water te ontharden, kun je natronloog toevoegen

H6 Koolstofverbindingen

H6.2 Koolwaterstoffen

Koolwaterstoffen

organische chemie

onvertakte en vertakte koolwaterstoffen

onvertakt

vertakt

homologe reeks

homologe reeksen

alkanen

Structuurformules en isomerie

isomerie

isomeren

- verzadigde koolwaterstoffen;

- onverzadigde koolwaterstoffen;

- cyclische koolwaterstoffen;

- aromaten

Verzadigde en onverzadigde koolwaterstoffen

verzadigde koolwaterstoffen

verzadigd

alkanen

onverzadigde koolwaterstoffen

onverzadigd

alkenen

alkynen

Cyclische koolwaterstoffen

cycloalkanen

cyclische verbinding

acyclisch, niet-cyclisch

Aromaten

benzeen

aromatisch

alifatische koolwaterstoffen

H6.3 Systematische naamgeving

Systematische naamgeving van alkanen

naamgeving van onvertakte alkanen

naamgeving van vertakkingen

alkylgroepen

Regels voor de naamgeving van alkanen

1. Zoek de langste onvertakte keten van C-atomen op --> hoofdketen

2. De stamnaam van het alkaan wordt de naam van het onvertakte alkaan, dat evenveel C-atomen heeft als de hoofdketen

3. Nummer de C-atomen van de langste keten om de plaats te bepalen van de zijgroepen. Het nummeren van de hoofdketen kan van recht naar links of omgekeerd

4. Elke zijgroep wordt vóór de naam van de hoofdketen vermeld, voorafgegaan door het nummer van het C-atoom waaraan deze vastzit.

5. Komt eenzelfde zijgroep vaker voor, gebruik voorvoegsels di (2 keer), tri (3 keer), tetra (4 keer)

6. Bij meerdere zijgroepen wordt de alfabetische volgorde aangehouden

7. In de naam van het alkaan worden getallen gescheiden door een , en tussen een getal en een letter komt een -

Alkenen en alkynen

1. de uitgang van de naam is niet -aan, maar -een;

2. de plaats van een dubbele binding wordt aangegeven met een cijfer

Alkadiënen

alkadieen

Alkynen (CnH2n-2)

Cycloalkanen

cycloalkenen

Aromaten

fenyl

H6.4 Halogeenverbindingen, ethers en alcoholen

Karakteristieke groepen

karakteristieke groep

klasse

hoofdgroep

Halogeenverbindingen

substitutie

additie

Ethers

alkoxyalkanen

Alcoholen

alcoholen

alkanolen

Binas tabel 66D

Fenolen

fenolen

achtervoegsel -ol

voorvoegsel hydroxy-

H6.5 Aldehyden, ketonen en carbonzuren

Aldehyden en ketonen

aldehyden

alkanalen

achtervoegsel -al

voorvoegsel -oxo

ketonen

alkanonen

achtervoegsel -on

voorvoegsel -oxo

Carbonzuren

alkaanzuren

-zuur

-carbonzuur

vetzuren

H6.6 Esters

Esters

alkylalkanoaten

Oliën en vetten

oliën

vetten

glycerol

vetzuren

triglyceriden

onverzadigde vetzuren

H6.7 Aminen en aminozuren

Aminen

achtervoegsel -amine

voorvoegsel amino-

Aminozuren

Binas tabel 67H

H7 Duurzaamheid

H7.2 Fossiele brandstoffen

Energieleveranciers

verbrandingswarmte

Leverancier van grondstoffen

fracties

gefractioneerde destillatie

Thermische kraken

Katalytisch reformen

Milieuproblemen

Koolstofdioxide

Zwaveldioxide

zure regen

rookgasontzwavelingsinstallaties

Stikstofoxiden

H7.3 Biobrandstoffen

Koolstofkringloop

fotosynthese

koolstofkringloop

elementenkringloop

CO2-neutraal

Eerste generatie biobrandstoffen

biobrandstoffen

biomassa

bio-ethanol

biodiesel

omestering

blokschema

stofstromen

reactoren

Tweede generatie biobrandstoffen

biogas

Derde generatie biobrandstoffen

Algen

Zeewier

H7.4 Duurzame ontwikkelingen

Duurzaam

1. economisch haalbaar

2. goed voor het milieu

3. goed voor de mens (sociaal-cultureel)

4. rekening houden met belangen van de toekomstige generateis

Duurzame energie

windenergie

zonne-energie

energie uit water

blauwe energie

geothermische energie

Duurzame kringlopen

stoffenkringlopen

duurzame kringloop

Cradle to Cradle

recyclen

downcyclen

upcyclen

Duurzaam ondernemen en consumeren

duurzame ondernemen

people

planet

profit

duurzaam consumeren

H7.5 Evenwichten

Evenwichtsreacties

chemisch evenwicht

evenwichtsreacties

insteltijd

homogeen evenwicht

heterogeen evenwicht

De evenwichtsvoorwaarde bij een homogeen evenwicht

concentratiebreuk

evenwichtsconstante

K

evenwichtsvoorwaarde

De evenwichtsvoorwaarde bij een heterogeen evenwicht

vaste stoffen staan niet in de concentratiebreuk van een heterogeen evenwicht

Oplosevenwicht en verdelingsevenwicht

verdelingsevenwicht

Kv

oplosevenwicht

Ks

H7.6 Verschuiving van een chemisch evenwicht

Invloed van de concentratieverandering

door toevoegen van beginstoffen verschuift het evenwicht naar de kant van de reactieproducten

Invloed van volume verandering

bij volumeverkleining verschuift het evenwicht naar de kant met de minste deeltjes, bij volumevergroting naar de kant met de meeste deeltjes

Invloed van en katalysator

geen invloed op de samenstelling van het evenwichtsmengsel

Invloed van temperatuur

verandert de waarde van de evenwichtsconstante K

Aflopen van een evenwicht

aflopend evenwicht

Kattintson ide a térkép középre állításához